dinsdag 7 oktober 2014

Staddag in Tongeren


Op de foto met Ambiorix


Een pater wachtte ons op in de kloostergang.









De toren werd gemaakt met stenen uit de Romeinse muur. 





Een Romeinse dame vertelt meer over het Gallo-Romeins museum.






Keizer Julianus, een Romeinse keizer, was slecht 1.5 jaar lang keizer. In die periode woonde hij zelfs korte tijd in Tongeren, op het praetorium, waar nu de stadsdiensten liggen. 
Hoewel hij maar korte tijd heerste, liet hij sporen na. Zo is de taalgrens net onder Tongeren (Wallonië, Vlaanderen) een deel van zijn nalatenschap.






Ambiorix, daar valt heel wat over te vertellen.
Eerst werd zijn zoon gevangengehouden, waardoor hij 'belastingen' moest betalen om zijn zoon te beschermen. 
Julius Caesar bevrijdde zijn zoon, dus besloot Ambiorix vrienden te worden met de Romeinen in onze streken.
Tot op een keer, de Romeinen in drie kampen verdeeld waren. In het kamp te Tongeren waren er 'slechts' 9000 soldaten gelegerd. Ambiorix zag zijn kans schoon om de Romeinen te verslaan. Hij lokte hen in een hinderlaag in een holle weg. Toen de Romeinen uit de andere kampen deze list en de dood van hun mede-soldaten te weten kwamen, waren ze woedend. Ze zworen Ambiorox te doden. In de jaren erna werden vele dorpen en steden in onze streken uitgemoord, maar Ambiorix heeft hij nooit te pakken gekregen... .



De vrouw van de Luikse architect... vertelt meer over het stadhuis. 




Het stadhuis is mooi symmetrisch gebouwd. Tijdens de Franse Revolutie brandde een groot deel van de stad af. Nadien werd op deze plek, waar voordien een huis stond, het staduis gebouwd.
Enkel de basiliek en het begijnhof bleven gespaard tijdens de brand.




Deze vrouw is getrouwd met één van de vele bouwheren van de basilliek. HEt duurde namelijk zo'n 300 jaar voordat de basiliek af was. 




De 'Infirmerie', vroeger verdienden de begijnen door hier mensen te verzorgen.
Later werd dit voor een tijdje een middelbare school. 





De poortwachter bewaakte de Moerenpoort. Aan de andere kant van de stad ligt de Velinxpoort, naast het huidige cultureel centrum.



Deze slotklooster zuster vertelde over het (strenge) leven in ee slotklooster. Enkel meisjes van rijke families kwamen er binnen. Daarvoor moesten ze dan ook 2000 gulden betalen. Zusters legden drie geloften af;
-de gelofte van gehoorzaamheid;
- de gelofte van kuisheid;
- de gelofte van armoede.



De begijnen legden maar twee geloftes af en deze waren tijdelijk;
- de gelofte van kuisheid;
- de gelofte van gehoorzaamheid.









Op het begijnhof mochten geen mannen binnen. Enkel de pastoor mocht er soms komen. Pelgrims die op bedevaart waren, herkenbaar aan hun staf met schelp, mochten tot aan de herberg om te overnachten.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten